Nieuws
Ontbijt tegen laaggeletterdheid

In januari ondertekenden wethouders en vertegenwoordigers van uiteenlopende partijen een nieuw convenant tegen laaggeletterdheid. Dit convenant vormt de basis voor vervolgacties die laaggeletterdheid moeten aanpakken. Hoe? Die vraag stond donderdag 11 mei centraal tijdens het ontbijt van het bondgenootschap in het Volkshuis in Leiden.

 

Als eerste spreker uitte de Leidse wethouder Marleen Damen haar zorgen over de omvang van laaggeletterdheid in Nederland. ‘Maar liefst 20 procent van de Nederlanders is niet zelfredzaam’, citeerde zij uit een rapport van de WRR. Juist deze groep is sterk afhankelijk van allerlei overheidsinstanties maar komen in de communicatie met die instanties juist in de knel. ‘Professionele hulp, werkgevers en vrijwilligers zouden de handen ineen moeten slaan om voor hen kansen te creëren’, aldus Damen.

 

Hoezeer dat nodig is, bleek uit het videobericht van Marco Zeeman. Lange tijd wist hij via allerlei strategieën zijn problemen met lezen en schrijven te verbergen. Tot het moment dat hij op zijn werk rapportages moest maken. Via een nieuwe collega werd hij gewezen op de mogelijkheid onderwijs te volgen, iets waarvan hij vermoedde dat het voor hem op late leeftijd niet meer was weggelegd. Dat was vier jaar geleden. Sindsdien is er een wereld voor hem open gegaan.

 

Dat ook ondernemingen de strijd aangaan tegen laaggeletterdheid, illustreerde Cees van Gend, manager P&O Europe bij Zeeman. ‘Bij de aanname van ons personeel, selecteren we vooral op enthousiasme in plaats van diploma’s’, legde hij uit. ‘Dan ontkom je er soms niet aan om medewerkers bij te scholen. Daarvoor hebben we onze Zeemanschool opgericht. Ook laaggeletterden – zowel autochtonen als nieuwe Nederlanders – bieden we hier ondersteuning. Dat hoeft een bedrijf niets te kosten. Het gaat immers om een reguliere opleiding die wordt verzorgd. Niet voor niets volgen bedrijven als Hema en Blokker het voorbeeld van Zeeman.’

 

Het UWV vertelde vervolgens over een succesvolle pilot met de bibliotheek in Leiden (BplusC), waar klanten werden gescreend met de Taalmeter. Dit project wordt nu uitgerold naar alle bibliotheken in de regio. Daarna gaf Ida van Breda, coördinator van het bondgenootschap, toelichting op de subsidieregeling Taalakkoord voor werkgevers en bondgenoten. Met de gemeenten is vastgesteld dat de subsidieaanvraag zich richt op concrete activiteiten van de Taalhuizen. Hiervoor is een projectplan in voorbereiding. Een van de activiteiten gaat over een rijdend taalcafé in de Week van de Alfabetisering en werd toegelicht door het Taalhuis van de Bollenstreek.

 

Na een rondje ambities van de aanwezigen, gaf Van Breda aan dat zij van alle ambitiedocumenten een uitvoeringsplan maakt. Hierin verbindt zij de verschillende activiteiten met de ambities van het convenant en de wijze waarop de bondgenoten ambities gaan realiseren.

 

Zoals gebruikelijk bij elk bondgenotenontbijt, werd een pluche hartje uitgereikt aan twee aanwezigen, dit keer de gemeente Leiderdorp en het UWV. Vóór het volgende ontbijt bedenken zij gezamenlijk een plan om laaggeletterdheid aan te pakken.

 

Het laatste woord was aan burgemeester Liesbeth Bloemen. Zij gaf aan de Taalmeter zelf uit te voeren. Daarnaast onderzoekt zij of medewerkers bij Werk en Inkomen voldoende geschoold zijn om laaggeletterden te signaleren en door te verwijzen. Samen met Marleen Damen roept zij het portefeuillehoudersoverleg in de regio op om in te zetten op de aanpak van laaggeletterdheid binnen hun gemeenten.